De drijfveer van iedereen die cognitieve dissonantie ervaart is cognitieve consistentie te verkrijgen, om zo een aangenamere psychologische toestand te bereiken. Dat is één van de stellingen van Leon Festinger in zijn boek uit 1957 “A theory of cognitive dissonance”.

Cognitie is de opeenstapeling van informatie die we door leren of ervaring hebben opgedaan.

Cognitieve dissonantie is het ongemak dat ontstaat als mensen gedachten en gedrag hebben die inconsistent met elkaar zijn.

Ik bevind mij in de ongemakkelijke situatie dat de rechter een zorgmachtiging heeft afgegeven aan de lokale psychiatrie. Dit geeft hen de speciale bevoegdheid dat ze dwang en drang op mij mogen uitoefenen, op de manier en op het moment zoals hen dat zelf goed toelijkt. Dit moeten ze wel eerst mondeling aankondigen. Ik hoef er niet mee akkoord te gaan. Als ik aangeef – mondeling – dat ik er niet mee akkoord ga, moet de psychiater toestemming vragen aan de geneesheer-directeur. Dat kan al met een telefoontje. Als deze de toestemming verleent, kan ik aangeven dat ik de zaak voor wil leggen aan de onafhankelijke klachtencommissie die aan het instituut verbonden is en kan ik mij juridisch bij laten staan door de patiëntvertrouwenspersoon (PVP-er). De PVP-er komt eenzijdig op voor de belangen van de patiënt.

Het toepassen van de speciale bevoegdheid tot het mogen uitoefenen van dwang en drang leidt tot cognitieve dissonantie bij de patiënt. Het is één van de vier contexten die Leon Festinger analyseert in “A theory of cognitive dissonance”, de context van “gedwongen medewerking” waarin een persoon – vaak door het in vooruitzicht stellen van een beloning of een straf – gedwongen wordt te handelen in tegenstrijd met zijn geloof. Dan ontstaat de situatie dat er geen overeenstemming is tussen iemands openlijke gedrag en zijn privé meningen – cognitieve dissonantie. Als we hier Festinger als leidraad gebruiken, dan induceert deze situatie in de patiënt het streven om de cognitieve dissonantie te verminderen. Dat kan door zijn mening aan te passen. Mijn leraar maatschappijleer van de middelbare school noemde dit het zoete citroen effect. Een situatie die eerst als onwenselijk werd gevonden, wordt als blijkt dat er geen andere mogelijkheid bestaat dan het te accepteren, toch aantrekkelijk gevonden. Het verworpen oorspronkelijke alternatief wordt minder aantrekkelijk. Dit noemde de leraar maatschappijleer het zure druif effect. De cognitieve dissonantie wordt daardoor verminderd, of wordt opgeheven daardoor.

Festinger’s theorie van cognitieve dissonantie kan wat ik meemaak in de ggz goed beschrijven en voorspellen. Maar kan zijn theorie ook aangewend worden om een psychose te beschrijven en te voorspellen? Wat is een psychose? De website http://www.ggzstandaarden.nl zegt hierover:

“Bij psychose is sprake van een veranderde beleving van de werkelijkheid die waarnemen, denken en emoties beïnvloedt. De belangrijkste symptomen zijn wanen, hallucinaties, problemen met samenhangend spreken, gedesorganiseerd gedrag en motivatieproblemen.“

Verder zegt deze website over hoe een persoon met een psychose om kan gaan:

“Niet altijd vinden patiënten met een psychose dat zij behandeling nodig hebben, soms zelfs niet als zij ernstig lijden onder hun klachten, gevaar lopen en sociaal-maatschappelijk ten onder dreigen te gaan. Dit kan leiden tot langdurig mijden van behandeling, waardoor soms (ambulante) bemoeizorg nodig is of er verplichte zorg moet worden ingezet.”

Leidt een psychose tot een verandering in de cognitieve dissonantie? Bij het beoordelen van deze vraag stuiten wij op de situatie dat patiënt en medewerker van de ggz het hebben van een waan verschillend kunnen definiëren en beoordelen. Dit kan een conflict in zich dragen en daardoor ook de kiem van een toekomstig conflict zijn. In het geval van de situatie van een rechterlijke zorgmachtiging kan de patiënt zich niet onttrekken aan contact met de medewerker als dat zo in het zorgplan staat op straffe bijvoorbeeld van een aankondiging van ingrijpen in het medisch traject. De psychiater kan bijvoorbeeld zeggen dat de dosering van het medicijn wil verhogen.

Mijn houding is dat ik elke indruk die ik krijg, of die nou van buiten of van binnen komt, serieus neem en als echt beschouw. Als het heftig eraan toegaat, heeft dat in wat ik persoonlijk heb meegemaakt soms tot gevolg gehad dat de beleving van het fysieke wordt weggedrukt. Maar meestal gaat het beleven van de twee werkelijkheden prima samen. De twee werkelijkheden zijn de spirituele en de menselijke. Uiteindelijk is alles spiritueel, inclusief het menselijke, waaronder het fysieke. Dat is voor mij geen waan. Dat psychiaters daar vaak anders over denken moeten zij weten. Het vervelende is alleen dat zij mij als ziek beschouwen en ik mezelf niet als ziek beschouw. Wat moeten wij met dit voorbeeld van een invasieve, inferieure denk- en werkwijze van het medische beroep?

In wat ik zelf niet als een waan benoem – en de psychiatrie wel – is in de conflicterende fase wel sprake van cognitieve dissonantie. Maar dat is tijdelijk. Elk van deze moeilijke periodes wordt weer heel fijn afgesloten zonder cognitieve dissonantie.

Nog een voorbeeld van wanen. Ik heb in de periode in 2020 dat ik centraal zat opgesloten de medewerkers van de ggz gezien als nazi’s. Dit was niet zomaar even een indruk, maar duurde wel anderhalve maand of zo iets. Om de bijbehorende geestelijke marteling te beëindigen heb ik mij aan de ggz onttrokken en ben ik naar Berlijn gegaan. Daar heb ik politiek asiel aangevraagd in de Peruaanse ambassade. Is dit nu ook zonder cognitieve dissonantie afgesloten? Wie weet, alhoewel ik niet de enige ben die ervaringen in de nazi-sfeer trek. Ik wijs op de bijdrage van het Forum voor Democratie in het parlement en aanhangers in de samenleving die vinden dat de opeenvolgende coronamaatregelen gelijkenis vertonen met de periode voorafgaande aan de tweede wereldoorlog in Duitsland. De wijze hoe er met niet-gevaccineerden wordt omgegaan vertoont gelijkenis met de opeenvolgende anti-Joodse maatregelen in interbellum Duitsland. Maar dit mag niet gezegd worden in het parlement, vinden velen. Is er nou een lineaire geschiedenis of een cyclische? Ik heb de situatie dat ik een aantal ggz medewerkers in 2020 als nazi’s zag voor zover ik mij herinner niet verteld aan medewerkers van de ggz. Dat zouden zij niet prettig vinden. Ze ervaren dan teveel cognitieve dissonantie. Dus dan zeggen ze maar dat ik aan wanen leid.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: